<-

1657

Trekvaart Haarlem-Leiden

->

1657 Trekvaart Haarlem-Leiden

De Trekvaart Haarlem-Leiden is in 1657 aangelegd in opdracht van de steden Haarlem en Leiden voor het vervoer van personen van stad tot stad. Deze waterweg was 28 kilometer lang en werd in anderhalf jaar tijd aangelegd. Uit beide steden vertrokken acht schuiten per dag plus een nachtschuit. In de trekschuit mochten geen goederen worden vervoerd. Daarvoor waren de beurtveren bedoeld. Op de andere Zuid-Hollandse trekvaarten was deze regel minder strikt.
De trekschuitdienst Haarlem-Leiden werd van 1657 tot 1860 door de steden Haarlem en Leiden gezamenlijk geëxploiteerd. In de twee eeuwen dat de trekschuit tussen Haarlem en Leiden op en neer voer, zijn naar schatting 15 miljoen mensen vervoerd.

Nadat in 1842 de spoorverbinding tussen Haarlem en Leiden in gebruik werd genomen, was het snel afgelopen met het trekschuitbedrijf. In 1860 werd de trekschuitdienst opgeheven. Vanaf dat moment had het goederenvervoer de trekvaart tot haar beschikking.

Zo werd de trekvaart volop gebruikt voor het vervoer van afgegraven duinzand en voor groenten, fruit, bloembollen, mest en riet. Aanvankelijk gebruikte men vletten en kleine zeilschepen, die werden geboomd of ‘gejaagd’ vanaf het jaagpad op de oever.

Vanaf het moment waarop vrachtauto’s de functie van de scheepvaart overnemen, wordt de Trekvaart Haarlem-Leiden alleen nog gebruikt voor de recreatievaart.

Verder lezen: ‘De blauwe ader van de Bollenstreek’, 350 jaar geschiedenis van de Haarlemmertrekvaart-Leidsevaart, 2007, Uitg. onder meer Cultuur Historisch Genootschap Duin- en Bollenstreek. 

Trekvaart